Schermerland

Museummolen


molengang_klein.jpg (30880 bytes)
Schematische voorstelling van een 'molengang', waarmee het polderwater trapsgewijs wordt opgevoerd tot een hoogte van circa 4,50 m.

Hoe werkt de poldermolen

De robuuste Schermermolen behoort tot het type achtkante binnenkruier. Dit wil zeggen dat de romp of het molenlijf1 is opgebouwd uit acht zware houten stijlen2 onderling verbonden door een constructie van legeringsbalken3, korbelen4 en kruisbalken5.

De stijlen zijn aan de bovenzijde samengevoegd tot een ringvormig draagvlak het boventafelement6, waarop door middel van een rolring7 met 52 iepenhouten rollen de molenkap8 rondgedraaid kan worden.

Dit ronddraaien of 'kruien' is nodig om al naar gelang de windrichting, de molenkap met de wieken9 'op de wind te zetten'. Het kruien geschiedt van binnen uit, met behulp van het krui-rad, blok en touw10. Vandaar de naam 'Binnenkruier'.

molen.jpg (88214 bytes)  

De molenkap zowel als het molenlijf zijn tegen weersinvloeden beschermd door een bekleding van riet11 en geteerde planken12.

De molen is geplaatst op een gemetselde fundering13 waarin de vijzel14 en de waterloop15 zijn ondergebracht. De fundering rust weer op een groot aantal heipalen16.

Het 'gaande werk' van de molen bestaat uit het wiekenkruis bevestigd aan de boven-as17 met het boven-wiel18. Deze 8.000 kg zware combinatie rust op twee arduinstenen lagers opgenomen in de kapconstructie.

Het remmechanisme of de 'vang'19 is eveneens in de kap ondergebracht. Deze vrij simpele, maar doeltreffende installatie bestaat uit een stalen klemband, gevoerd met houten blokken, welke met enige speling rond het boven-wiel is aangebracht.

Door middel van een met stenen verzwaarde hefboom: de vangbalk20, kan de klemband met grote kracht rond het boven-wiel worden geknepen waardoor de beweging wordt afgeremd en tenslotte gestopt. Dit remsysteem kan van buiten op de begane grond worden bediend door middel van de vangstok en het vangtouw21.

Het boven-wiel drijft (met houten pennen en kammen) de spil22 aan, die op zijn beurt de rondgaande beweging weer overbrengt op het water-wiel23 met water-as24 waaraan de vijzel is bevestigd.

Het water wordt door de vijzel tot een hoogte van circa 120 cm opgevoerd. De wachtdeur25 en de constructie van de waterloop beletten het water terug te stromen.

Bij een redelijke wind verplaatst de molen circa 60 m3 per minuut!

De woonvertrekken van de molenaar zijn in het onderste gedeelte van de molen. De schoorsteen van de schouw mondt uit in het molenlijf. De daardoorheen trekkende rook hield het houtwerk vrij van houtworm.


terug naar www.museummolen.nl


webmaster@rekel.nl

www.rekel.nl